Vraag de kaart

Handleiding

Omgevingsaspecten van je plangebied, stap voor stap

Voor de onderbouwing van een plan wil je per thema weten wat er over de plek bekend is: bodem, water, geluid, natuur, archeologie en meer. Vraag de kaart zet de feiten uit open bronnen op een rij, met de bron erbij. Wat je ermee doet, beslis je zelf.

  1. Maak je plangebied

    Kies “Plangebied” en teken de grens op de kaart, of klik een perceel en kies “Gebruik als plangebied”. Je ziet meteen de oppervlakte.

  2. Open de omgevingsaspecten

    Met de oranje knop “Omgevingsaspecten” gaat het paneel naast de kaart open. Per thema staat wat de open bronnen zeggen, met afstanden vanaf de grens en de bron bij elke regel. Lagen die per punt antwoorden, worden op een paar punten verspreid over het plangebied gevraagd.

  3. Beschrijf je plan

    In het tabblad “Plan” vul je in wat er nu is en wat er komt, en teken je waar de nieuwe woningen komen. De afstanden, het geluid en de luchtkwaliteit staan dan ook vanaf de woningen.

    Liggen er panden in je plangebied, dan kies je per pand “Blijft”, “Slopen” of “Woning”; de te slopen m² komen uit de BAG.

  4. Geef per thema aan of een onderzoek nodig is

    Onder elk thema kies je “Ja”, “Nee” of “N.v.t.”, met een toelichting als je wilt: welk onderzoek en wie het doet. Dat is jouw beoordeling; de app geeft alleen de feiten. Bovenaan zie je welke thema's nog open staan.

  5. Neem het mee

    Met “Kopieer als tabel” plak je alles in Word: per thema de feiten, de bron en jouw keuze in de kolom “Onderzoek nodig?”. Met “PDF” krijg je hetzelfde als rapport, met de kaart van je plangebied erbij.

  6. Maak een concept in Word

    In het tabblad “Concept” maak je een Word-document met de hoofdstukken van een ruimtelijke motivering. Het is gevuld met wat je in de andere tabbladen hebt: je plan, de feiten met hun bron, het beleid van rijk, provincie en gemeente op je plangebied, en je keuzes per thema. Met een inhoudsopgave, de percelen in het plangebied, en wat het geldende bestemmingsplan per bestemming zegt, in zijn eigen woorden (de hele artikelen in een bijlage). Vul eventueel nog de participatie en de kosten in.

    Met “Lopende tekst laten schrijven” aan schrijft een taalmodel de alinea's over de situatie uit dezelfde feiten. Elk getal wordt nagekeken; wat niet klopt, komt er als opsomming in. Klik “Maak het concept (Word)”: dat duurt een halve tot een hele minuut.

  7. Lees het concept na

    Het concept heeft kaarten van je plangebied met schaalbalk, legenda en bron: de ligging, de luchtfoto, het kadaster, het bestemmingsplan, historische kaarten, hoogte, geluid, natuur, water en de landbouwpercelen. Per thema staat de conclusie die jij koos bij “Onderzoek nodig?”; wat je zelf nog schrijft of beoordeelt, staat geel gemarkeerd. Het blijft een concept: lees het na voor je het gebruikt.

  8. Vraag de assistent

    De assistent leest mee. Vraag bijvoorbeeld “Welke onderzoeken moeten we laten doen?” en je krijgt je eigen keuzes terug, met per thema de feiten erbij. De thema's die je nog niet invulde, blijven open: de assistent kiest niet voor je.